Sluiten
Thuis in
uw dossier

Leerling-verpleegkundige Maaike over het werk op de covid-afdeling

25-1-2021

Je bent jong, hbo-student verpleegkunde en werkt op de covid-verpleegafdeling van het Spaarne Gasthuis in Haarlem. Wilt het liefst het oude studentenleven terug, maar ziet ook ernstig zieke covid-patiënten worstelen met de dood. Hoe doe je dat? Leerling-verpleegkundige Maaike Bremer (21) vertelt over het vinden van die balans. Niet altijd een makkie.

Je bent jong, hbo-student verpleegkunde en werkt op de covid-verpleegafdeling van het Spaarne Gasthuis in Haarlem. Wilt het liefst het oude studentenleven terug, maar ziet ook ernstig zieke covid-patiënten worstelen met de dood. Hoe doe je dat? Leerling-verpleegkundige Maaike Bremer (21) vertelt over het vinden van die balans. Niet altijd een makkie.

Ze zit aan de keukentafel bij haar vriend Gijs Eelman (21) in zijn ouderlijk huis op Texel. Het eiland waar Maaike is opgegroeid, en de dagen die ze vrij is doorbrengt bij haar ouders, broer Sander, zus Inge en vrienden. Texel is haar thuis. Dé plek waar ze bijkomt van haar werk. Haar hoofd leeg maakt. Wandelt op het strand en in het bos. Afspreekt met haar vriendinnen. Bordspelletjes speelt. Favoriet: Ticket to Ride en Codenames. Stond al jaren in de kast, tot de intelligente lockdown en na weken binnen zitten de verveling toesloeg. Gijs is vaak bij haar of andersom. Studeert fysiotherapie in Amsterdam, maar volgt nu enkel online les op Texel.

Ze heeft een appartementje in Haarlem-Noord. Samen met haar Texelse vriendin Donja, die in het basisonderwijs werkt. Het eiland is Maaikes sociale hub. Een plek met weinig zorgen. „Op Texel viel het in het begin van de pandemie allemaal wel mee. Werd je nauwelijks met corona geconfronteerd. Ik zat maandenlang bij mijn ouders. Kon ik lekker naar buiten en met vrienden afspreken. Wat moest ik in Haarlem doen? Kwam ik eens in de stad, dan hoorde ik andere verhalen. Was er altijd wel iemand die een vriend of familielid kende die corona had.”

Next level

Die eerste lockdown. Thuis zitten afwachten, voelde écht niet goed. Zij als bijna professional moest toch iets kunnen betekenen in de zorg. Alle films en series op Netflix waren er bij wijze van spreken al doorheen gejaagd. Bij een tweede golf móest dat anders. Genoeg tijd om op de werkvloer te staan, naast de voorbereiding van haar minor.

Maaike zag een oproep op Facebook voor zorgassistenten (omloop) in het Spaarne Gasthuis. Ze reageerde en ging afgelopen november parttime aan de slag op de covid-verpleegafdeling, soms op de afdeling verdenking van corona. Maaike blijft er hangen voor haar eindstage als leerling verpleegkundige per februari. „Ik was zo blij dat ik eindelijk iets kon doen in deze pandemie.”

Schort aan, twee paar handschoenen, haar in een netje, chirurgisch mondmasker en bril op. Ze denkt er niet meer bij na. Routinekwestie.

Die eerste keer thuiskomen na een dagdienst voelde onwerkelijk. „Ik maakte thee, lag languit op de bank en wist: dit is next level in de zorg. Realiseerde toen dat ik midden in het wereldnieuws zit met mensen die ernstig ziek worden binnen gebracht. Het tekort aan verpleegkundigen, omdat ze zelf ziek zijn of na die eerste heftige golf niet meer op een covid-afdeling willen werken. Collega’s die doodmoe zijn van de eerste golf. Covid-patiënten die bij ons sterven. Of patiënten die zich eenzaam voelen, omdat er weinig bezoek mag komen. Wow dit is het dus, dacht ik. Als buitenstaander kun je je daar nauwelijks een voorstelling van maken.”

Feestje

Verpleegkunde kwam op haar pad. Vier jaar geleden een enthousiast verhaal gehoord op een open dag van Hogeschool InHolland. Direct aangemeld. Dit is mijn roeping wist ze de eerste weken al. Achteraf: zorgen zat altijd al in haar. Bovendien, ze verslond het vak biologie op de middelbare school. Wilde alles over het menselijk lichaam weten. Zorgde als tiener twee weken fulltime voor haar oma, die haar heup brak.

In het ziekenhuis heeft ze leuke, voornamelijk jonge collega’s. Iedere dag popelt Maaike om aan de slag te gaan. Houdt handen vast van verdrietige of angstige patiënten. Stelt ze gerust. Luistert naar hun verhalen. Controleert bloeddruk, hartslag, zuurstofgehalte en infusen. Geeft medicijnen, leegt de prullenbakken en waszakken.

Maar hé, ze is ook nog jong. Wil haar vrienden zien. Heeft zin in weer eens een geoorloofd feestje. En nee, ze is geen feestbeest. Wel op z’n tijd lekker de kroeg in of dansen. Ontspannen en opladen. Normaal kunnen doen zonder rekening te houden met al die regels en beperkingen. Onbevangen de wereld in stappen…

Balans

Zou Maaike haar familie en vrienden nog wel veilig kunnen zien? Ze staat zo dichtbij ernstig zieke corona-patiënten. Loopt misschien ongemerkt zelf wel het virus op, ondanks alle beschermingsmiddelen. Haar vrienden en familie niet meer zien, ze zou gek worden van de eenzaamheid. Dáár in haar eentje in Haarlem-Noord. Over dat doemscenario heeft ze zeker nagedacht voor ze in dit avontuur dook. Het is zoeken naar de juiste balans. Verantwoording nemen.

„Ik zie wat het virus met mensen kan doen. Corona moet je serieus nemen. Maar als je zelf als jongere weinig risico loopt, voelen al die maatregelen wel eens tegenstrijdig. Hoewel ik ook van dichtbij heb gezien dat jongeren een nasleep van corona kunnen krijgen. Een vriendin werd mild ziek, en is nog steeds heel moe. Krijgt fysiotherapie. Maar dat zijn wel de uitzonderingen onder jongeren. Ik woon twee jaar in Haarlem, en ken hier bijna niemand. Net voor de eerste lockdown had ik me opgegeven bij een voetbalteam in de buurt. Op Texel voetbalde ik bij SVO in een meidenteam, en later stapte ik over op zaalvoetbal. Ik wilde mijn sociale netwerk uitbreiden in de stad. Dat kun je nu wel vergeten, de hele wereld staat op z’n kop. In mijn hoofd begrijp ik de maatregelen. Zeker als verpleegkundige weet je waar je het voor doet, maar gevoelsmatig is het wel eens anders. Je studententijd kun je nooit meer overdoen. Als ik me zo voel, denk ik aan de dingen die nog wel kunnen. En deze crisis houdt ook een keer op.”

Zwarte scenario

Het zwartste scenario. Ze worden er op voorbereid in het ziekenhuis nu het Britse besmettelijker variant het Hollandse continent verovert. Go with the flow. Zo staat Maaike erin. Hup, handen aan het bed. Ze heeft net haar eerste vaccinatie gehad en over een paar weken draait ze fulltime mee in de verpleging. Als leerling-verpleegkundige en niet meer als zorgassistent. „Of ik wel eens in huilen uitbarst van alles wat ik zie? Nee, zou niet goed zijn. Ik ben er voor de mensen en kijk altijd wat ik voor ze kan doen. Natuurlijk raken dingen je wel. Het is toch vreselijk als je met broers en zussen moet afspreken wanneer je om de beurt bij een stervende ouder mag zijn. Dat je niet allemaal tegelijk naast het bed van je geliefde kunt zitten. Wat als mijn ouders, broer of zus daar liggen, denk ik dan. Zo wil je toch geen afscheid nemen. En in deze tweede golf mogen er nog familieleden bij zijn. Dat was wel anders tijdens de eerste golf.”

Op de werkvloer staan ze deze tweede golf geroutineerder in hun schoenen. Er is meer kennis over corona en de juiste behandeling. Dat scheelt, meent ze. Maaike was er niet bij tijdens die eerste golf. Hoort verhalen van collega’s. „De paniek die er toen was is er nu niet. Je weet precies wat je moet doen. Of die Britse of andere varianten paniek gaan brengen op de afdeling, geen idee. Ik sta in de modus aanpakken.”

Berg

Eenzaamheid. Dáár ziet Maaike als een berg tegenop. Houdt het op bij een avondklok als die Britse variant niet meer te houden is? Krijg je dan regionale of lokale reisverboden? Kom je de stad nog wel uit? Kan ze nog naar familie, vrienden en Gijs op Texel? Die vragen spoken soms door haar hoofd. Heb je een zware dienst achter de rug, zit je in je uppie. Huisgenoot geeft online les vanaf Texel. Niemand om mee te lachen, Netflix kijken, een spelletje spelen. Kletsen en even die schouder om tegenaan te leunen. Ze kijkt Gijs aan. Hij is al jaren in haar leven. Ouders zijn bevriend vanaf het moment dat zij nog in de luiers zaten. Op de mavo en havo bij elkaar in de klas gezeten. Maar de vonk sloeg pas over tijdens een eilanddorpsfeest, twee jaar geleden. „Dan kom jij toch bij me in Haarlem zitten Gijs? Gijs: „Natuurlijk! Hebben we toch afgesproken…”

Bron: Haarlems Dagblad
Auteur: Ingrid Spelt
Foto: René Pop

Meer over

Coronavirus