Sluiten
Thuis in
uw dossier

Stevige impuls voor verpleegkundig onderzoek

22-12-2020

De zorg en het verpleegkundig vak zijn continu in ontwikkeling. Het is dus cruciaal om geregeld gangbare procedures en protocollen te toetsen. Er is een schat aan (semi-)wetenschappelijk onderzoek beschikbaar dat kan helpen bij het verbeteren van de zorg. Zes verpleegkundigen in het Spaarne Gasthuis maken deel uit van het Minervatraject. Zij bekwamen zich in het vinden, duiden, toepassen en genereren van wetenschappelijke kennis.


Catharina van Oostveen

EBP op de werkvloer

“Evidence Based Practice in verpleegkunde heeft een enorme impact op de kwaliteit van de zorg”, zegt Catharina van Oostveen, adviseur-onderzoeker bij het Wetenschapsbureau van het Spaarne Gasthuis. Op haar initiatief is het Spaarne Gasthuis gestart met het Minerva-traject waarin verpleegkundigen de mogelijkheid krijgen een masterstudie epidemiologie aan de Universiteit van Amsterdam te volgen. Het doel is om EBP een sterkere rol op de werkvloer te geven: “We willen, in samenspraak met patiënt en specialist, voorkomen dat onnodige, ongewenste, te veel of te weinig verpleegkundige zorg wordt verleend. Als iemand die rol kan pakken is het de verpleegkundige die 70% van de tijd aan het bed staat.”

Katalysator voor kwaliteitsverbetering en innovatie

Zes medewerkers volgen deze master epidemiologie. Catharina: “We weten uit onderzoek dat een verpleegkundige met een master een katalysator is voor het verbeteren van de zorg op de werkvloer, door relevante vragen uit de praktijk te onderzoeken en de resultaten direct toe te passen. Dit leidt tot een klimaat waarin continu wordt verbeterd en geïnnoveerd. Met doelmatige zorg als resultaat. Deze zes Minerva’s ontwikkelen vaardigheden om resultaten uit onderzoek te gebruiken in hun werk en collega’s hierin te ondersteunen. In de opleiding komt de hele empirische cyclus aan bod: klinische vraag formuleren, onderzoek uitvoeren, data analyseren en resultaten interpreteren en implementeren. Eenmaal epidemioloog kunnen ze verpleegkundig onderzoek doen en gaan ze dus ook zelf kennis genereren.”

Doel: combi-functies

Meer academische deskundigheid op de werkvloer dus. Het ideaalbeeld voor Catharina is dat de epidemiologen straks hun verpleegkundig werk aan het bed combineren met onderzoek: “In Nederland zijn combifuncties voor verpleegkundigen – bijvoorbeeld 3 dagen aan het bed, 2 dagen onderzoek – nog geen gemeengoed. In de VS wel, met aangetoond effect op de kwaliteitsverbetering. De Minerva’s passen hun kennis en vaardigheden op de eigen afdeling toe. Maar eigenlijk wil ik nog een of twee stappen verder, namelijk dat we EBP in de zorglijn integreren, in clusters van specialismen die in elkaars verlengde liggen, of in de keten, in samenwerking met verschillende zorgaanbieders. Vanuit verpleegkundig perspectief kunnen ‘onze’ verpleegkundig onderzoekers daar de verbinding creëren en heel relevante vraagstukken onderzoeken.”

Wetenschap naar de werkvloer

Misschien nu nog toekomstmuziek, die combifuncties, feit is dat de Minerva’s de perfecte opstap bieden om de verpleegkundige vakuitoefening verder te professionaliseren. “Ik wil de wetenschap meer naar binnen brengen”, zegt Laura Effendi-Sijmons. “Want,” constateert Tessa Dongelmans, “met de blik van een onderzoeker kijk je anders naar situaties”. Volgens Sanne Drost-Goossens is dat een must: “Kritisch blijven, dat is je verantwoordelijkheid”. In de woorden van Nadine van de Reep: “Niet zomaar klakkeloos doen wat voorgeschreven staat.” En EBP toepassen levert winst op voor de beroepsgroep, aldus Mireille Vos, die er een ‘versterking van de positie van verpleegkundigen’ in ziet. Dat zal zeker het geval zijn als EBP samen met collega’s wordt vormgegeven, want “kennis toepassen is een kwestie van samenwerken”, zoals Jessica Groen-Herrewijnen terecht zegt.